Arbomarkt kiest voor verlengde arm bedrijfsarts Het laatste nieuws

Arbomarkt kiest voor verlengde arm bedrijfsarts

24-09-2015: Werken onder de 'verlengde arm' van een bedrijfsarts heeft veel terrein gewonnen. Dit is gebleken uit het jaarlijkse onderzoek onder arbodienstverlening, uitgevoerd door hrnavigator. Bij de onderzochte aanbieders is het percentage casemanagers, die onder verantwoordelijkheid werken van de bedrijfsarts, gestegen van 48% vorig jaar naar 62,9% dit jaar. Behalve het invullen van een uitgebreide online vragenlijst werden verdiepende gesprekken gevoerd op directieniveau met 45 arbodienstverleners. Gezamenlijk bedienen deze aanbieders meer dan 4,3 miljoen werknemers.

Markt arbodienstverlening

Met de introductie van de Wet Verbetering Poortwachter in 2002, is het begrip casemanagement ontstaan. Formeel gezien is de casemanager de procesverantwoordelijke bij of namens de werkgever. Met de liberalisering van de Arbowet in juli 2005 is de markt helemaal open gebroken. Er kwamen diverse soorten verzuimbedrijven op de markt en demedicalisering werd het kernwoord. De 'dure' dokter werd pas zo laat mogelijk ingeschakeld door de casemanager eerste rang te zetten. De aandacht voor verzuim en arbeidsongeschiktheid is in die periode flink toegenomen en ook namen de verzuimcijfers en de WIA-instroom fors af.

Binnen deze nieuwe markt ontstonden echter ook problemen. De eerste geluiden over wantoestanden kwamen als snel boven. Werknemers zouden onder druk gezet worden om snel weer aan het werk te gaan. Niet-medici stelden vergaande medische vragen over de verzuimoorzaken en gaven vervolgens ook een oordeel. Om deze reden maakten FNV en het CBP ook serieus werk van deze signalen en in 2012 maakte Zembla een uitzending over het probleem, waarin een voorbeeld werd laten zien van een middelgrote nieuwe speler in de markt waar het op meerdere fronten niet goed ging. 

Hoewel er hierdoor een over het algemeen negatieve beeldvorming is ontstaan over arbodienstverleners, golden deze wantoestanden uiteraard maar voor een klein deel van de markt. De meeste arbodiensten begeleiden zowel medewerker als werkgever op een verantwoorde manier bij verzuim en arbeidsongeschiktheid. Onder aan de streep hebben er in de afgelopen jaren forse verbeteringen plaatsgevonden in de wijze waarop casemanagers de verzuimende medewerkers begeleiden. Dit blijkt ook uit de toelichting van de deelnemende aanbieders; de bedrijfsarts is en blijft eindverantwoordelijk en – soms zelfs permanent – beschikbaar voor vragen van de casemanager. Men werkt volgens uitgeschreven protocollen conform NVAB-richtlijnen en er is bijna altijd sprake van intervisie, audits en heldere processen.

De excessen waarbij een callcentermedewerker de medische diagnose telefonisch met de zieke medewerker bespreekt en vastlegt, zijn er nog wel, maar dit is uitzonderlijk. Werkgevers doen simpelweg geen zaken meer met de zogenaamde 'verzuimcowboys', of die laatste zijn allang failliet. Er heeft de afgelopen jaren dus een enorme professionaliseringsslag onder aanbieders plaatsgevonden. Dit blijkt ook uit de resultaten; het verzuim is met 3,8 procent historisch laag en in 2014 zijn er maar drie klachten bij de geschillencommissie arbodiensten in behandeling genomen.

Verlengde arm

Een groot deel van de verzuimbedrijven had en heeft een niet-medische casemanager. Dit zou betekenen dat de casemanager niets mag vragen en registreren over bijvoorbeeld de verzuimoorzaak. Het antwoord voor dit vraagstuk is gevonden in de verlengde arm constructie. De casemanager werkt dan formeel onder de gedelegeerde verantwoordelijkheid van de bedrijfsarts en mag daarmee wél medische vragen stellen en registreren. Hiermee wordt de bedrijfsarts ontlast.

Het werken met het verlengde arm model biedt enkele voordelen. Zo is het allereerst een stuk goedkoper - de casemanager kost volgens het onderzoek gemiddeld € 101,- en de bedrijfsarts € 161,50. Daarnaast is er actie vanaf dag één en niet pas in een later stadium. Ook is de mogelijke besparing op de verzuimkosten niet mis. Want, als je een medewerker pas in de vierde week oproept voor het spreekuur van de bedrijfsarts, dan betekent dit dat je als werkgever feitelijk zo'n € 4.500,- aan loon en andere kosten accepteert. Dat is anders als er al actie wordt ondernomen in een vroeg stadium. Een verzuimde werkdag in Nederland kost gemiddeld tussen de € 100,- en € 250,- en dus is snelle actie gewenst. 

Naast bovengenoemde voordelen is ook het vermeende tekort aan bedrijfsartsen, door middel van de inzet van de casemanager, deels opgelost. Al met al is het dan ook logisch dat de markt dit model heeft omarmd als meest geschikt model voor arbodienstverlening. Doordat er nu correct wordt gehandeld door de arbodiensten, is er een passend antwoord gevonden op het Zembla-debacle en op de privacyrichtlijnen van het CBP.

Keurmerken

Om de kwaliteit van het casemanagement te waarborgen, werkt de beroepsregistervereniging RNVC sinds enkele maanden met een tweetal keurmerken. Deze keurmerken staan garant voor kwaliteit en integriteit en zorgen ervoor dat de 'klant' goed wordt begeleid in het totale proces.

De casemanager van Medprevent voldoet aan het Crov® keurmerk (Casemanager Regie op Verzuim).